Lord is a deferential appellation for a person or deity who has authority, control, or power over others; a master, chief, or ruler. In only a few cases is "lord" a substantive title in itself, most commonly that of the Lord of the Manor and certain vestigial titles from the age of feudalism such as Lord of Mann, in other cases it is a generic term applied, for example, to persons who hold a title of the peerage or persons entitled to courtesy titles, or to refer to a group or body of peers.

PropertyValue
dbpedia-owl:abstract
  • Lord ist ein englischer Adelstitel. In der englischen Kirchensprache entspricht die Bezeichnung The Lord dem deutschen „Herr“ für Gott. Die schottische Bezeichnung lautet Laird, ist jedoch kein mit dem Range eines Lords vergleichbarer Adelstitel, sondern ein an Landbesitz in den Highlands oder auf den Shetlandinseln, Orkneys und den inneren und äußeren Hebriden gebundener Titel.
  • Lord is a deferential appellation for a person or deity who has authority, control, or power over others; a master, chief, or ruler. In only a few cases is "lord" a substantive title in itself, most commonly that of the Lord of the Manor and certain vestigial titles from the age of feudalism such as Lord of Mann, in other cases it is a generic term applied, for example, to persons who hold a title of the peerage or persons entitled to courtesy titles, or to refer to a group or body of peers.
  • 封建領主(ほうけんりょうしゅ、feudal lords)又は領主(りょうしゅ、lords)とは、封建制における領主階級をさす用語。ヨーロッパ中世の封建制において見られる。日本の中世・近世における領主層が封建領主と呼ばれたこともあった。
  • 勋爵(英语:Lord)是對男性英國貴族的一種敬稱。
  • Lorde é um título nobiliárquico empregado no Reino Unido. É equivalente a "Senhor" ou "Dom" em Portugal, correspondendo originalmente a um título de autoridade feudal. O feminino de "lorde" é lady, embora existam casos raros de lordes femininos (por exemplo, o Lorde de Mann, ou o Lord Provost de Edinburgo. A etimologia da palavra inglesa lord remonta ao inglês antigo hlaf-weard – refletindo o costume tribal germânico de que um membro do escalão superior fornecesse comida aos seus subordinados. O equivalente feminino, lady, pode ter vindo das palavras que significam "amassadora de pão".
  • Lord – mężczyzna cieszący się władzą i autorytetem. Tytuł ten może mieć różne znaczenie, zależnie od kontekstu. Szkocki tytuł Laird nie jest jego odpowiednikiem i posiada węższe znaczenie. W kontekście religijnym, ang. The Lord (Pan) odnosi się do Boga, zwłaszcza w religiach opartych na Torze: judaizmie, chrześcijaństwie i islamie. W kwestii świeckiej najszerszym znaczeniu tego słowa znaczy władca. Etymologia angielskiego słowa lord ma odwołania do języka staroangielskiego, w którym hlaford (wcześniej hlaf-weard – strażnik chleba) nawiązywał do germańskich plemiennych zwyczajów, i oznaczał osobę odpowiedzialną za zaopatrzenie w żywność i jej podział. Żeński odpowiednik to lady.
  • Lord es un título nobiliario del Reino Unido, otorgado generalmente por la Corona británica. Es una persona con poder y autoridad. Puede tener diferentes significados dependiendo del contexto en que se use, ya que el ejercicio del poder o autoridad viene dado por el título nobiliario o el cargo que ejerza la persona. Generalmente es usado por los altos oficiales de la Corona como Lord Chancellor, Lord High Constable, etc. , o cargos electos como Lord Mayor of Great London u otras grandes ciudades, cargos judiciales como Lord Justice of Appeal, Lord Chief Justice; o pueden provenir de títulos nobiliarios hereditarios, o no. Las mujeres normalmente (pero no como regla general) tendrán el título de Dame o Lady en vez de Lord. La etimología de la palabra inglesa lord se remonta a la forma del inglés antiguo hlaf-weard (traducido como loaf-guardian, guardián del pan), que refleja la antigua costumbre tribal de los pueblos germánicos del líder que proveía de alimento a sus súbditos. También puede referirse a la abreviatura científica del botánico Ernest E. Lord. Tambien habla de el Lord español Mc Cucley, el cual fue decapitado en 1956.
  • De heer of vrijheer, soms ook wel vrouwe of vrijvrouwe, was in het Ancien Regime de heerser van een heerlijkheid. Hij was doorgaans een leenman van het landsheerlijke gezag boven hem. In de Nederlanden kon dat een graaf, een hertog, een prins-bisschop of een vorst-abt zijn. In het geval dat de keizer direct boven de heer stond en deze dus geen hiërarchische binding had met een "tussenliggende heerschappij", spreken we van een baanderheer of bannerheer of ook wel van een "rijksonmiddellijke heerlijkheid". Dit waren vaak zeer machtige personen die zich met succes wisten te verzetten tegen de invloed van de hertog of de graaf van het omringende gebied en zo hun onafhankelijkheid wisten te bewaren. De oudste heerlijkheden zijn voortgekomen uit een allodium, waarin de heer de absolute macht had. Later ontwikkelde het feodale stelsel zich zodanig dat een dergelijke heer leenman werd van, dus ondergeschikt werd aan, een hogere bestuurslaag, de leenheer. In later tijden kon de leenheer, die over een zeker gebied rechtstreeks het gezag uitoefende, heerlijkheden uitgeven aan adellijke lieden, waarvoor hij dan een vergoeding ontving. Dit geschiedde vooral in tijden dat de leenheer, bijvoorbeeld door langdurige oorlogsvoering, in geldnood zat. Aldus zijn tot in de 16e eeuw toe nog heerlijkheden ontstaan. De heer had een groot aantal heerlijke rechten, zoals het recht van justitie. Bij de lage heerlijkheid of grondheerlijkheid was de juridische bevoegdheid vooral civielrechtelijk en het bestraffen van lichte overtredingen. Bij de middelbare heerlijkheid waren er meer civielrechtelijke en justitiële bevoegdheden Bij de hoge heerlijkheid hoorde ook de bevoegdheid tot het straffen van de zwaarste vergrijpen, met lijfstraffen tot de doodstraf (halsrecht) toe. Beneden de heer stond de schepenbank, die de rechtspraak uitoefende en deel uitmaakte van het dorpsbestuur. Tal van andere rechten konden tot de heerlijke rechten behoren, zoals: benoemingsrecht, tiendrecht, cijnsrecht (belastinginning), tolrecht, banrecht, windrecht, recht van zwanendrift, recht van duivenvlucht, recht van eendenkooi, jachtrecht en visrecht. Eén van de weinig volledig zelfstandig gebleven heren was die van Ravenstein. Een andere ontwikkeling kende de zelfstandig gebleven heerlijkheid Mechelen, waar uiteindelijk door overerving de keizer zelf ook heer van Mechelen werd. Iets soortgelijks gebeurde nadat de bisschop van Utrecht zijn wereldlijke heerschappij had overgedragen aan Karel V. Utrecht, Groningen en Overijssel werden ook heerlijkheden met de keizer zelf als heer. Deze "hoge" heerlijkheden gingen bij de afzwering van de Spaanse koning over op de Staten-Generaal van de Verenigde Provinciën. Na de afschaffing van het Ancien Régime, dit is bij de annexatie van de Oostenrijkse Nederlanden door de Franse Republiek en de instelling van de Bataafse Republiek in 1795, werden alle heerlijke rechten opgeheven. Gedeeltelijk werden die bij de Restauratie onder koning Willem I weer hersteld, zoals het jachtrecht en het visrecht. Het overheidsgezag (het recht om functionarissen te benoemen) verloor de heer definitief in 1830 bij de invoering van de Belgische Grondwet of in 1848 bij de invoering van de Nederlandse gemeentewet. Het feitelijke einde van de heerlijke rechten werd in Nederland bewerkstelligd in 1923 door de afschaffing van genoemde heerlijke wildrechten. Daarna voerden velen nog wel een herentitel, maar feitelijk was hier slechts sprake van de titel van titulair heer.
  • Лорд (англ.  Lord — господин, хозяин, владыка) — дворянский титул в Великобритании.
  • Lord, egentligen "brödvårdare, brödgivare", därav "herre" (jfr angls, hlaf-aeta, "brödätare, tjänare"), liktydigt med lat. dominus och fr. seigneur. Ordet betecknas av Seldan som "ett storhetsattribut", och i enlighet därmed används det om Gud och Guds son (The Lord = "Herren"; Our Lord, "Vår Herre Kristus"; The Lord's day, "Herrens dag, söndagen"; The Lord's prayer, "Herrens bön"; The Lord's supper, "Nattvarden" och kungen samt om vissa högt uppsatta ämbetsmän (då antingen ensamt, till exempel i tilltal mylord eller jämte deras ämbetstitel, till exempel lord bishop, lord mayor. Under länsväsendets tid var lord beteckningen för en länsherre överhuvud och särskilt för den, som innehade sitt län direkt av kronan, en baron eller peer of the realm. Lord kom därför även att beteckna medlem av överhuset, och bland dessa skiljer man mellan Lords spiritual, "andliga" lorder, de ärkebiskopar och biskopar, som haft säte i överhuset, och Lords temporal, "världsliga" lorder. Lord är icke någon speciell adelstitel, utan en allmän benämning för innehavare av vissa titlar och värdigheter . Dessutom används benämningen lord enligt vedertaget bruk om söner till vissa peerer, nämligen om yngre söner till hertigar och markiser . Som titel används lord alternativt i stället för den egentliga adelstiteln till och om markiser, earler och viscounter samt undantagslöst om engelska baroner . Såsom tilltalsord till en lord begagnas my lord eller your lordship. Flera ämbetsmän och ministrar har i England också lord i sin titel.
dbpedia-owl:wikiPageID
  • 69304 (xsd:integer)
dbpedia-owl:wikiPageInLinkCount
  • 963 (xsd:integer)
dbpedia-owl:wikiPageOutLinkCount
  • 216 (xsd:integer)
dbpedia-owl:wikiPageRevisionID
  • 548359510 (xsd:integer)
dbpprop:hasPhotoCollection
dcterms:subject
rdf:type
rdfs:comment
  • Lord ist ein englischer Adelstitel. In der englischen Kirchensprache entspricht die Bezeichnung The Lord dem deutschen „Herr“ für Gott. Die schottische Bezeichnung lautet Laird, ist jedoch kein mit dem Range eines Lords vergleichbarer Adelstitel, sondern ein an Landbesitz in den Highlands oder auf den Shetlandinseln, Orkneys und den inneren und äußeren Hebriden gebundener Titel.
  • Lord – mężczyzna cieszący się władzą i autorytetem. Tytuł ten może mieć różne znaczenie, zależnie od kontekstu. Szkocki tytuł Laird nie jest jego odpowiednikiem i posiada węższe znaczenie. W kontekście religijnym, ang. The Lord (Pan) odnosi się do Boga, zwłaszcza w religiach opartych na Torze: judaizmie, chrześcijaństwie i islamie. W kwestii świeckiej najszerszym znaczeniu tego słowa znaczy władca.
  • Lord is a deferential appellation for a person or deity who has authority, control, or power over others; a master, chief, or ruler. In only a few cases is "lord" a substantive title in itself, most commonly that of the Lord of the Manor and certain vestigial titles from the age of feudalism such as Lord of Mann, in other cases it is a generic term applied, for example, to persons who hold a title of the peerage or persons entitled to courtesy titles, or to refer to a group or body of peers.
  • Lorde é um título nobiliárquico empregado no Reino Unido. É equivalente a "Senhor" ou "Dom" em Portugal, correspondendo originalmente a um título de autoridade feudal. O feminino de "lorde" é lady, embora existam casos raros de lordes femininos (por exemplo, o Lorde de Mann, ou o Lord Provost de Edinburgo. A etimologia da palavra inglesa lord remonta ao inglês antigo hlaf-weard – refletindo o costume tribal germânico de que um membro do escalão superior fornecesse comida aos seus subordinados.
  • 封建領主(ほうけんりょうしゅ、feudal lords)又は領主(りょうしゅ、lords)とは、封建制における領主階級をさす用語。ヨーロッパ中世の封建制において見られる。日本の中世・近世における領主層が封建領主と呼ばれたこともあった。
  • 勋爵(英语:Lord)是對男性英國貴族的一種敬稱。
  • Lord es un título nobiliario del Reino Unido, otorgado generalmente por la Corona británica. Es una persona con poder y autoridad. Puede tener diferentes significados dependiendo del contexto en que se use, ya que el ejercicio del poder o autoridad viene dado por el título nobiliario o el cargo que ejerza la persona. Generalmente es usado por los altos oficiales de la Corona como Lord Chancellor, Lord High Constable, etc.
  • De heer of vrijheer, soms ook wel vrouwe of vrijvrouwe, was in het Ancien Regime de heerser van een heerlijkheid. Hij was doorgaans een leenman van het landsheerlijke gezag boven hem. In de Nederlanden kon dat een graaf, een hertog, een prins-bisschop of een vorst-abt zijn.
  • Лорд (англ.  Lord — господин, хозяин, владыка) — дворянский титул в Великобритании.
  • Lord, egentligen "brödvårdare, brödgivare", därav "herre" (jfr angls, hlaf-aeta, "brödätare, tjänare"), liktydigt med lat. dominus och fr. seigneur.
rdfs:label
  • 勳爵
  • Lord
  • Lord
  • Lord
  • 封建領主
  • Heer (feodalisme)
  • Lord
  • Lorde
  • Лорд
  • Lord
owl:sameAs
http://www.w3.org/ns/prov#wasDerivedFrom
foaf:isPrimaryTopicOf
is dbpedia-owl:commander of
is dbpedia-owl:occupation of
is dbpedia-owl:wikiPageDisambiguates of
is dbpedia-owl:wikiPageRedirects of
is dbpprop:commander of
is dbpprop:honorificPrefix of
is dbpprop:leaderTitle of
is dbpprop:occupation of
is dbpprop:offstyle of
is dbpprop:title of
is dbpprop:titles of
is owl:sameAs of
is foaf:primaryTopic of