Francesco Orazio Olivieri della Penna was a Capuchin missionary to Tibet who became prefect of the Tibetan Mission. Born in Pennabilli, Della Penna entered the Capuchin monastery of Pietrarubbia. While he was there, a decree by the Sacra Congregazione di Propaganda Fide declared the establishment of a Catholic mission “"in the direction of the source of the Ganges River, towards the kingdom of Tibet. ” Della Penna was amongst those selected, and he arrived in Lhasa on June 12, 1707.
| Property | Value |
| dbpprop:abstract
|
- Francesco Orazio Olivieri della Penna was a Capuchin missionary to Tibet who became prefect of the Tibetan Mission. Born in Pennabilli, Della Penna entered the Capuchin monastery of Pietrarubbia. While he was there, a decree by the Sacra Congregazione di Propaganda Fide declared the establishment of a Catholic mission “"in the direction of the source of the Ganges River, towards the kingdom of Tibet. ” Della Penna was amongst those selected, and he arrived in Lhasa on June 12, 1707. He returned to Rome after the penniless and starving missionaries decided to reorganize their efforts; he returned to Lhasa in 1716. Della Penna studied the Tibetan language and culture at the monastery of Sera under a Lama. During his stay, Della Penna began composing a Tibetan-Italian dictionary. By 1732, the dictionary composed about 33,000 words. He also translated some important Tibetan works. He translated into Tibetan Bellarmine's Christian Doctrine and Thurlot's Treasure of Christian Doctrine. From Tibetan into Italian, he translated the History of the life and works of Shakiatuba, the restorer of Lamaism, Three roads leading to perfection, and On transmigration and prayer to God. A Tibetan printing works was eventually built during Della Penna's stay. Della Penna returned to Rome in 1736 to seek help and support there. He received it from the Spanish prelate Cardinal Belluga and Della Penna arrived in Lhasa on January 6, 1741. Della Penna was well-liked in Tibet; he was called the “white head Lama” and was respected for his learning and knowledge of Tibetan culture and language. However, he ran into problems he did not foresee when the seventh Dalai Lama, Kelsang Gyatso, granted him and his fellow missionaries freedom of worship and proselytism. After twenty Tibetan men and women were converted to Christianity, they refused to accept the Dalai Lama's blessing and to take part in the obligatory lamaistic prayers. After a long trial on the 22d of May 1742, five Christian Tibetans were flogged after a long trial on May 22, 1742. Della Penna was given an audience with the Dalai Lama but the mission’s fate was sealed. He set off for Nepal in 1745, but died at Patan on July 20, 1745.
- Francesco Orazio Olivieri della Penna was een Italiaans missionaris en prefect van de missie in Tibet. Begin 18e eeuw vaardigde de Congregatie voor de Evangelisatie van de Volkeren een decreet uit voor een katholieke missie naar de bron van de Ganges richting het Koninkrijk Tibet. Della Penna diende in die tijd het kapucijnse klooster van Pietrarubbia en werd voor de missie geselecteerd. Op 12 juni 1707 kwam hij aan in Lhasa. Toen de missionarissen met honger en geen geld besloten de pogingen de reorganiseren, keerde hij terug naar Rome en ging hij opnieuw naar Lhasa in 1716. Della Penna studeerde Tibetaans en Tibetaanse cultuur in het universiteitsklooster Sera. Tijdens zijn verblijf begon hij met het samenstellen van een woordenboek Tibetaans-Italiaans. Tegen 1732 bevatte het woordenboek 33.000 woorden. Hij vertaalde de Christelijke Doctrine van Robertus Bellarminus en Schat van de Christelijke Doctrine van Thurlot naar het Tibetaans. Naar het Italiaans vertaalde hij de Geschiedenis van het leven en werk van Shakiatuba, de vernieuwer van Lamaïsme, Drie wegen die leiden naar perfectie en Over transmigratie en gebed naar God. Tijdens het verblijf van Della Penna werd er in Sera een drukkerij gevestigd. Della Penna keerde terug naar Rome in 1736 om hulp en ondersteuning te vragen, die hij ontving van de Spaanse kerkvorst Kardinaal Belluga. Hij kwam terug in Lhasa op 6 januari 1741. Della Penna werd witte hoofd lama genoemd en werd gewaardeerd in Tibet vanwege zijn studie en kennis van de Tibetaanse taal en cultuur. Hij overzag echter niet de problemen die ontstonden nadat de zevende dalai lama, Kelzang Gyatso hem en zijn missionarissen de vrijheid van godsdienstbeoefening en bekering toestond. Nadat twintig Tibetaanse mannen en vrouwen waren bekeerd tot het christendom, weigerden ze de zegen van de dalai lama te accepteren en deel te nemen aan de verplichte lamaïstische gebeden. Na een lang proces op 22 mei 1742 kregen vijf christelijke Tibetanen lijfstraffen. Della Penna kreeg nog audiëntie bij de dalai lama, maar het lot van de missie was bezegeld. In 1745 vertrok hij naar Nepal en hij overleed nog datzelfde jaar.
|
| dbpprop:hasPhotoCollection
| |
| dbpprop:reference
| |
| rdf:type
| |
| rdfs:comment
|
- Francesco Orazio Olivieri della Penna was a Capuchin missionary to Tibet who became prefect of the Tibetan Mission. Born in Pennabilli, Della Penna entered the Capuchin monastery of Pietrarubbia. While he was there, a decree by the Sacra Congregazione di Propaganda Fide declared the establishment of a Catholic mission “"in the direction of the source of the Ganges River, towards the kingdom of Tibet. ” Della Penna was amongst those selected, and he arrived in Lhasa on June 12, 1707.
- Francesco Orazio Olivieri della Penna was een Italiaans missionaris en prefect van de missie in Tibet. Begin 18e eeuw vaardigde de Congregatie voor de Evangelisatie van de Volkeren een decreet uit voor een katholieke missie naar de bron van de Ganges richting het Koninkrijk Tibet. Della Penna diende in die tijd het kapucijnse klooster van Pietrarubbia en werd voor de missie geselecteerd. Op 12 juni 1707 kwam hij aan in Lhasa.
|
| rdfs:label
|
- Francesco della Penna
- Francesco della Penna
|
| owl:sameAs
| |
| skos:subject
| |
| foaf:page
| |
| is dbpprop:redirect
of | |
| is owl:sameAs
of | |